Op zaterdag 29 januari stelde PvdA wethouder voor sociale zaken Rinda den Besten in het AD Utrechts Nieuwsblad dat ze zich met dit kabinet een “wethouder in oorlogstijd” voelt. Waarschijnlijk had ze het te druk met het duiden van het Kunduz-debat om over een dergelijke uitspraak na te denken. Zo twitterde zij bijvoorbeeld op 28 januari dat de steun van GroenLinks aan de politiemissie dit kabinet in het zadel houdt en er voor gaat zorgen dat onderwijs, sociale werkplaatsen en cultuursector ten onder gaan. Oftewel, over de rug van onze politietrainers in Afghanistan, bedrijft zij ‘oorlog’ met dit kabinet. Persoonlijk vind ik dat op zijn zachtst gezegd niet echt netjes, maar het mag. Bovenal verbaast het me helemaal niet.
Nieuw re-integratiebeleid
Dit kabinet zorgt er namelijk voor dat vastgeroest lokaal beleid opgeschud gaat worden, ook op het gebied van werk en inkomen, en dat doet pijn bij de PvdA. Zo presenteerde Rinda den Besten vrijdag 28 januari het nieuwe re-integratiebeleid van de gemeente Utrecht. Ik maakte me hier grote zorgen over, want in het PvdA-Groenlinks-D66 college-akkoord stond dat de steeds schaarser wordende re-integratiegelden ingezet gaan worden om de mensen die het verst van de arbeidsmarkt staan te activeren. Hiermee zouden we weer uitkomen op ineffectief bestede gelden, omdat het uitsromingspercentage voor deze groep mensen helaas zeer laag is. De VVD is van mening dat je juist moet inzetten op de mensen die een klein zetje in de rug nodig hebben om weer volledig te participeren in de maatschappij door het hebben van een reguliere baan. Dit beleid werd door het vorige college met de VVD in gang gezet, maar het nieuwe linkse college had hiermee gebroken.
Echter, de verrassing was groot en de door Rinda den Besten gepresenteerde visie op participatie bouwde volledig voort op het eerder ingezette beleid en brak daarmee radicaal met de collegeafspraken. Natuurlijk was de PvdA-wethouder hier niet blij mee en in de korte notitie verwijst ze dan ook 29 keer naar de ‘drastische, ingrijpende en de enorme teruggang” van de Rijksbijdragen, die haar dwongen deze keuzes te maken. Oftewel het vernieuwend sociaal beleid van het kabinet Rutte heeft het Utrechts college er toe gebracht nieuwe prioriteiten te stellen. De Utrechtse collegepartijen PvdA en GroenLinks reageerden al ontstemd en zij willen dat er toch meer gedaan gaat worden voor de mensen die het allerverst van de arbeidsmarkt staan. Zij zijn het ‘zieligst’ en aan deze 1% van de Utrechtse bevolking moet dan ook het grootste deel van de kleine 32 miljoen aan beschikbare re-integratiegelden besteed worden.
670 minder mensen in de bijstand
En wat gaat er dan nu gebeuren om meer mensen aan het werk te krijgen. Er wordt ingezet op de eigen kracht van de mensen, er komt een effectievere dienstverlening, de bijstandsgerechtigde kan rekenen op meer eigen verantwoordelijkheid in de dienstverlening en de begeleiding is gericht om zo snel mogelijk aan het werk te gaan. Voor mensen die verder van de arbeidsmarkt staan zijn er andere mogelijkheden, zoals het welzijnsbeleid. Ook hier wordt een efficiencyslag gemaakt door welzijnswerk en sociale zaken beter te laten samenwerken. Dit alles moet er toe leiden dat we in 2011 rond de 670 minder bijstandsgerechtigden hebben dan eerder voorzien, oftewel meer mensen aan het werk. En dat vindt deze wethouder dus “oorlogstijd”. Ik kan me niet voorstellen dat zij niet blij is als er zoveel mensen uit de uitzichtloosheid van de bijstand worden geholpen.
Noodzaak van bezuinigingen
Voorop staat natuurlijk dat er meer mensen aan het werk worden geholpen. Het is echter ook noodzakelijk dat er bezuinigingen worden doorgevoerd bij sociale zaken in Utrecht. Was in 2007 en 2008 de sky the limit met de aan Utrecht gegeven Rijksgelden, door de financiële crisis moet er in 2010 en 2011 geld bijgelegd worden om het sociale beleid te financieren. Op zich hoefde dat geen financieel probleem te zijn, omdat in eerdere jaren reserves konden worden opgebouwd. Helaas heeft Utrecht dat niet gedaan en was aan het begin van de crisis het reservepotje al leeg door veel te makkelijk de overschotten in de Rijksbijdragen uit de goede jaren aan ‘leuke’ dingen te besteden. In 2010 is er een tekort van 8,2 miljoen euro en in 2011 is nu al een tekort van 4,6 miljoen euro voorzien. Het onverantwoorde uitgavenpatroon van de gemeente daargelaten, geeft Rinda den Besten ook hier weer het Rijk de schuld, dat een verkeerde berekeningssystematiek zou aanhouden. En ondanks dat dezelfde systematiek in de gouden jaren 2007 en 2008 werd gevolgd, en toen niemand hierover klaagde, is het nu opeens een probleem. Dit kabinet lijkt zo langzamerhand een zegen voor de PvdA, omdat je het overal de schuld van kan geven. De PvdA wil kennelijk niet verantwoordelijk zijn voor een sociaal beleid dat eindelijk weer de eigen kracht van mensen voorop zet. Gelukkig wil ons kabinet dat wel.